Deel

0
Tweet about this url
Los in de Pyreneeën

Een horizontaal stuk op de Via Ferrata. (Foto: Corno van den Berg)

Los in de Pyreneeën

Peddelen, water happen en je goed vasthouden; op een rubberraft. En ik neem een Via Ferrata met handen en voeten. In de Pyreneeën.

Na de stranden en de stad, en vooral het eten en drinken, is het hoog tijd om de bergen in te duiken. Catalonië herbergt een deel van de Pyreneeën. Met onder meer één van de wildste rivieren in Europa, de Noguera Pallaresa. Die ook wel gekscherend de Rubber River wordt genoemd want rafting is populair hier.

Al bij de eerste stevige waterval is het raak. Het koude water zorgt ervoor dat ik meteen klaarwakker ben. Een vrouwelijke passagier heeft denk ik minimaal hetzelfde gevoel, ze verliest haar evenwicht en valt in het water. De wetsuit zorgt er voor dat je het niet koud krijgt. Het is wel fris, of eigenlijk meer verfrissend.

Adrenaline en water bij het raften.

Raften is letterlijk een zeer uitdagende sport. Je wilt genieten, maar doet keihard je best te blijven zitten. Ook al wil je het liefst zoveel mogelijk worden uitgedaagd. Op het randje dus. En soms er net over heen. Een brede glimlach zit vast op mijn gezicht. Net als bij de gids, die achterop de boot zit. Heerlijk dit soort excursies.

De bergen roepen, of eigenlijk de Via Ferrata. Ook wel klettersteig genoemd in diverse Duitstalige landen. Dit is bergbeklimmen, maar dan net even anders. Via ijzeren kabels en in de rots geslagen steunen moet je een steile wand nemen. Waarbij evenwicht het sleutelwoord is.

Ik moet me dubbel zekeren aan de kabel die in de rots is geslagen. Als ik val dan slechts maximaal een paar meter, maar niet het ravijn in. Het begin is meteen lastig. Gids Oscar roept: ,,Gebruik je voeten en niet je armen. Anders ben je straks bekaf.” Ja, maar ik moet me optrekken aan de kabel met nauwelijks houvast voor je voeten.  

De rotsen zijn steil en hier en daar scherp. Dan weer bijna ongrijpbaar glad. Ik heb even geen oog voor het landschap, het is al lastig genoeg om de gids te volgen die als een soort Spiderman omhoog vliegt.

Lastige stukken, veel heeft met je evenwicht te maken. Dicht bij de rots blijven. Voetje voor voetje, stap voor stap. Soms is het pad verticaal, dan moet ik weer horizontaal over ijzeren pinnen wandelen. En mijn lichaam moet tegen de rotsen aan worden gedrukt anders val ik zo achterover.

De rotswand met enkele klimmers er op. (Foto: Corno van den Berg)

Boven op een berg  kan ik even uitrusten. Even zitten en alle indrukken op me in laten werken. Nu zie ik pas hoe ongekend mooi de omgeving is. Boven de bossen pieken overal rotspartijen uit. En ik zie gids Oscar weer. Hij spreidt de armen en zegt met veel gevoel voor drama: ,,Welkom in mijn land.”

Het valt keer op keer op, veel Catalanen praten over ‘hun land’ maar hebben het over Catalonië in plaats van Spanje. Trots als ze zijn op hun regio­. Veel Catalanen zouden het liefst autonomie willen, want ze voelen ze geen Spanjaard in ieder geval.

Een kabel is gespannen tussen twee rotsen. Zwierend en zwabberend haal ik de overkant. Oscar lacht: ,,Dit was een opwarmertje. Nu gaan we klimmend naar beneden. Wat moeilijker is dan naar boven. Ik zie je onder aan de berg.” Catalonië moet ik zelf overwinnen…




Het vrijgevochten Catalonië ,,In Barcelona ben ik al diverse keren geweest. Deze keer ga ik een kookworkshop volgen, maar ook de omgeving verkennen. En eten in het beste restaurant ter wereld, zoeken naar de ruige stranden van de Costa Brava en raften in de Spaanse Pyreneeën."

Corno van den Berg