Deel

0
Tweet about this url
Ga los in de woestijn

Ga los in de woestijn

De woestijn moet je beleven. Dit kan op diverse manieren:
Achtergronden over Wahiba Sands
Ontdek de diverse 'camps'
Nomadic Adventures

Bij Oman denken veel mensen aan de woestijn. En ja, die hebben ze hier. Ik ga kijken hoe de mensen hier overleven, in één van de meest mensonvriendelijke omgevingen ter wereld.

De bedoeïen kijkt me aan en groet me. De thee smaakt sterk, de verse dadels ook. En het Turks fruit is heerlijk. Hij heeft zijn kamelen en geiten voor even met rust gelaten. Zijn vrouw heeft simpele sieraden gemaakt, die leveren tegenwoordig meer op dan kamelenmelk of geitenvlees. De eenvoudige, maar stevige tent biedt schaduw en comfort. De gids wijst er fijntjes op dat ik vannacht in een soortgelijke tent slaap. Ik kijk er juist naar uit.

Het is opmerkelijk fris in de woestijn, de zon is nog niet boven de duinen uitgekomen. Ik beklim een duin, of eigenlijk stap ik meer in een duin, zo diep zak ik weg. Het is windstil, voor even is de grote sculptuurder hier uitgeraasd. Wat een verschil met gisteren. Direct na zonsondergang stak de wind op. Het zand vloog me letterlijk om de oren. Dus zo worden de immense zandduinen hier gemaakt. Ik stond er bij en keek er naar. Met bewondering.

In de ochtend zijn overal pootafdrukken zichtbaar. Van woestijnvossen, hagedissen en talloze insecten. Een mestkever kruist mijn pad, hij is op zoek naar zijn ontbijt. Hij ziet mij ergens in de lucht als een wolkenkrabber. Ik kijk op mijn beurt omhoog, de blauwe lucht met witte wolken vormt een groot contrast met het geelrode zand. Dat continu verandert. Een schilder zou hier graag zijn ezel opzetten. Ik probeer het landschap in een foto te vangen, maar dat valt nog niet mee.

Tot in de eindeloze verte zie ik duinen. Als je hier verdwaald bent zou je er acuut troosteloos van worden. Deze woestijn heeft een onbekende, maar fraaie naam: Wahiba -soms ook Wahibi- Sands. De Omani noemen het zelf Ramlat al-Wahibaw. Ondanks het mensonvriendelijke karakter van de woestijn heeft de mens een manier gevonden om hier te kunnen leven. Her en der liggen kampen, waar toeristen kunnen overnachten. Meer dan tien inmiddels. Een nachtje woestijn is populair. En wie naar de duinen kijkt weet waarom. Maar ze hebben nog een functie, met name voor de toerist.  

Het is een speeltuin, een zandbak om los te gaan. In je moderne 4x4, op een extreem wendbare quad of op het klassieke vervoermiddel; de kameel. De gids scheurt door het losse zand, de auto verdwijnt in het stof. Ik zie quads onmogelijk steile duinen opstuiven en kamelen schommelend toeristen vervoeren. Net als hun gemotoriseerde broers doen zij het probleemloos, als zijn de 'schepen van de woestijn' wel de enige die mopperen. Soms, maar dan wel erg luidruchtig.   

Maar wie de woestijn in wil met een auto moet zich wel goed voorbereiden. Zo moet je bijna de helft van de lucht uit de banden laten. En je moet je auto wel op vierwieldrive zetten, zodat alle banden grip hebben. Desondanks komen we toch nog vast te zitten. Simpelweg omdat de chauffeur de 4-wieldrive had uitgezet voor een vlakker stuk.

Binnen enkele minuten komen er mensen helpen. Iedereen kent elkaar, getuige de bijzondere neusgroet. Geen hand, omhelzing of wat dan ook, maar even kort de neuzen tegen elkaar. Opvallend is wel dat ze elkaar daarbij niet aan kijken. Waarna het graven begint en even later het duwen. Ondertussen worden de laatste nieuwtjes uitgewisseld. Vast zitten in de woestijn is hier een sociaal gebeuren, het gebeurt vaker dan dat je bij elkaar op visite komt.

Terug in de bewoonde wereld besef ik pas hoe bijzonder het was. De rust en ruimte. En de sterrenhemel, die zich volledig aan mij openbaart. De Melkweg blijkt ook in het echt een lang lint van sterren te zijn. Een continu veranderend spektakel boven het levende zand. Oh ja, dat zand. Het gaat werkelijk overal zitten. Net als de herinneringen, ook die duiken dagen later nog op.




Onbekend, maar onaards mooi: Oman ,,Oman? Een land vol mysterie en relatief onbekend. Mijn eerste associatie was zand, een hele woestijn vol. Ik wist vaag dat Marco Polo er was geweest. Een land dat recent nog uitgebreid in het nieuws was. Er zou onrust zijn en prompt ging Koningin Beatrix er dineren bij de sultan. Ik ging er ook kijken. En werd met open armen door de bevolking ontvangen."

Corno van den Berg


Oman is meer dan zand. Wat te denken van een azuurblauwe zee, groene tropische oases, uitgestrekte gebergtes en een eeuwenoude cultuur? En je zult kennis maken met de uiterst vriendelijke en gastvrije bevolking van 'het land van de 1001 nachten'.

Oman ligt in het oostelijke deel van het Arabisch schiereiland. Sharjah en Fujairah (Verenigde Arabische Emiraten) scheiden het grootste deel van Oman van het meest noordelijke puntje, Musandam.

Een groot voordeel is het geringe tijdsverschil in Oman met Nederland. In de winter is het 3 uur later dan in Nederland en in de zomer slechts 2, dus geen last van een jetlag. De vlucht duurt 7,5 uur. Met KLM maak je een tussenstop en reis je 9,5 uur.

Beste tijd
De beste tijd om te gaan is van oktober t/m april als de temperatuur tussen de 25 en 30 C bedraagt. Tijdens een reis naar Oman, weet je één ding zeker; de temperatuur is aangenaam! Het klimaat in Oman verschilt per regio. Aan de kust in het noorden heerst een subtropisch klimaat.

Het binnenland kent een woestijnklimaat. Door de lage luchtvochtigheid is het daar goed te doen. Het zuiden heeft een tropisch klimaat, gemiddeld wordt het 35 C in de zomer en 25 C in de winter. 's Zomers brengt de zuidwestmoesson verkoeling via veel neerslag en nevel.

Op de hoogte blijven?
Wil je op de hoogte worden gehouden van nieuws, reisaanbod en leuke tips over Oman? Klik hier om je in te schrijven op de nieuwsbrief van het verkeersbureau van Oman. Na inschrijving ontvang je regelmatig leuke wetenswaardigheden en interessante nieuwtjes.

Reisaanbieders
Diverse reisorganisaties bieden reizen aan naar Oman. Waaronder: DKTS, FOX Vakanties en Rosetta Reizen.

Meer info:

Deze special is gemaakt in samenwerking met VisitOman. Copyright foto's: Corno van den Berg.