De natuurbescherming van dit deel van IJsland begon met de oprichting van nationaal park Skaftafell op 15 september 1967. Nadat talloze wetenschappers hadden gevraagd om bescherming van de uitlopers van diverse gletsjers en de omliggende bergen en rivieren.

Eerst was het ‘slechts’ 500 km2 groot. Dit was slechts een klein deel van een gletsjer in het zuiden. Naderhand werd het beschermde gebied diverse malen vergroot, waaronder in 2004.

In 2008 werden Skaftafell en een ander nationaal park, Jökulsárgljúfur national park, samen gebracht in Vatnajökull National Park. Een van de redenen om dit te doen was omdat alle landschappen met elkaar verbonden zijn. De impact van de ijsmassa en de daaronderliggende vulkanen beheersen het landschap.

Wie wil wandelen kan dat het beste doen in het late voorjaar (mei en juni) en de zomer. Dan bloeien de meeste planten en zijn er bijvoorbeeld vlinders te zien. Dan zijn ook de dagen het langst. Sterker nog, de zon gaat niet eens onder. Het najaar is geliefd bij rustzoekers omdat het gebied dan zo goed als verlaten is.

Echt warm wordt het hier nooit (in de zomer gemiddeld zo’n 13 graden), koud daarentegen wel. In de winter is het hier geregeld ook overdag onder nul. Terwijl de dagen extreem kort zijn. En de stevige wind kan het extreem zwaar maken om hier te lopen bijvoorbeeld. Het weer kan hier snel omslaan, waardoor wind en regen (of sneeuw) een aanslag op je gestel doen.

Meer informatie: www.vatnajokulsthjodgardur.is

Gletsjers