Lokale naam: Carretera a Reserva de Monteverde, Engelse naam: Monteverde Cloud Forest Reserve

Monteverde is opmerkelijk genoeg een privé-natuurpark, dat werd opgezet door Quakers. Vol met dieren en planten, waaronder 420 soort orchideeën. Je kunt hier dagenlang hiken. Neem ook zeker de stalen bruggen door de toppen van het nevelwoud.

Monteverde in Costa Rica heeft een bijzondere historie. Het begon als privé-natuurpark. Dit nevelwoud ligt hoog in de bergen, is altijd vochtig en rijk aan diersoorten. En, het thuis van de mooiste vogel ter wereld; de quetzal. Het is tevens één van de eerste plekken waar klimaatverandering zichtbaar werd.

Monteverde betekent ‘groene berg’ in het Spaans. Het reservaat werd opgericht door leden van een Amerikaans kerkgenootschap, de Quakers. Zij trokken aan begin van de 20e eeuw het regenwoud in, op zoek naar rust en reinheid. Ze wilden Gods natuur in stand houden, waardoor het in 1972 de status van privé-natuurgebied kreeg. Tegenwoordig is het een voorbeeld voor moderne natuurbescherming. En nog steeds in privé handen.

Het nevelwoud in Monteverde ligt in de centrale hooglanden van Costa Rica, de Cordillera de Tilarán. In tegenstelling tot tropisch regenwoud groeit nevelwoud tegen de berghellingen. Het ligt meestal tussen de 1.500 en 3.000 meter hoogte. En, zoals de naam al doet vermoeden, meestal gehuld in nevel. Die nevel ontstaat door warme lucht uit lager gelegen gebieden. De lucht botst tegen de steile berghellingen, waardoor het stijgt. Bij het stijgen condenseert het vocht in de lucht tot fijne druppeltjes: de nevel.

Door hun hoge vochtigheidsgraad kennen nevelwouden een heel specifieke flora. In vergelijking met een regenwoud zijn de bomen in een nevelwoud ietwat kleiner. Zowel boomtakken als de stammen hangen vol met varens, korst- en baardmossen, bromelia’s en orchideeën. Ze vechten om elk stukje open terrein. Met name de begroeiing op de bodem is erg dicht. Tot nu toe zijn 2.500 plantensoorten geteld, waaronder 420 soorten orchideeën. Ook kenmerkend zijn de vele vijgenbomen, waaronder de wurgvijg die zijn ‘gastheer’ uiteindelijk doodt.

De dichte begroeiing, de vele vruchten en bloemen trekken op hun beurt weer veel vogels, apen en andere dieren aan. De grootste publiekstrekker in het gebied vormt de quetzal, volgens veel biologen de mooiste vogel ter wereld. Of liever gezegd: het mannetje met zijn fluorescerende veren en lange, gekrulde staart.

Maar Monteverde biedt meer, veel meer. Het is een thuis voor zo’n 130 soorten zoogdieren, 500 soorten vogels, 120 reptielen- en amfibieënsoorten en zo’n 3.000 soorten planten. Veel daarvan komen alleen hier voor. Opvallend is het grote aantal kolibries dat in het nevelwoud is vertegenwoordigd. Meer dan 14 soorten kolibrie zijn hier te zien.

Beste tijd:
In het droge seizoen -december tot eind mei- is het in het park het drukst. Het broedseizoen van de quetzal, en dus de beste tijd om ze te zien, valt precies in het hoogseizoen. In april, mei en juni zijn veel vogels extra actief: het is immers het broedseizoen.

Let op!
De naam zegt het al, maar een nevelwoud kan echt nat zijn. Hier valt per jaar gemiddeld zo’n 4 meter water uit de lucht. Wees dus goed voorbereid. Een regenbui -en dus slibberige paden- is hier heel gewoon, net als een verfrissende wind.

Meer informatie: www.monteverdeinfo.com

Wandelen