Waarom moet ik hier heen?

De Everglades zijn bekend van series als Miami Vice en CSI Miami. Een ondoordringbaar gebied, waar ooit woeste indianen leefden. Ideaal voor close-up ontmoetingen met bijvoorbeeld alligators en talloze vogelsoorten.

De Everglades in Florida is eigenlijk niet meer dan een honderd kilometer brede rivier. Die slechts een paar centimeter diep is en extreem langzaam stroomt. Dat zijn de wereldberoemde ‘Glades’, zoals de Amerikanen het subtropische gebied liefkozend noemen.

Het gebied komt voor in talloze films en televisieseries als CSI Miami en (ietsje ouder) Miami Vice. Waar het structureel wordt afgeschilderd als een woest en mensonvriendelijk gebied. Nog steeds, want de Everglades heeft de grootschalige kolonisatie van Amerika overleefd omdat de (blanke) mens er door de hordes muskieten niet kan leven. Diverse indianenstammen hebben hier wel eeuwenlang in harmonie met de natuur geleefd.

Tegenwoordig is dit deel van Florida tot ‘natuuricoon’ verheven. En staat de Everglades voor eindeloze zaaggrasvlaktes, levensgevaarlijke moerassen en opvallend veel bewoners. Die maken het zelfs uniek in de wereld. In dit gebied zijn diverse natuurparken gerealiseerd, zoals natuurlijk Everglades Nationaal Park, maar ook het aangrenzende Big Cypress National Preserve.

Corno’s reistips:

Het droge ‘toeristenseizoen’ betekent ook dat het druk kan zijn. Met name excursies kunnen al snel volgeboekt zijn. Hieronder een aantal handige tips om je bezoek te plannen. Let op: boek je excursie alvast online, weet je zeker dat je mee kunt.

De ontstaansgeschiedenis van dit immense moeras is bijzonder. Onder het gebied ligt een immens kalksteenplateau. Hierdoor kan het water niet makkelijk weg en stroomt deze ‘rivier’ slechts enkele centimeters per uur naar het zuiden. De Everglades heeft daardoor een bijzondere flora. De bron van dit alles ligt in het stroomgebied van de Kissimmee River, ten zuiden van Orlando.

Het water doorkruist op zijn weg naar het zuiden diverse soorten landschap. Zoals de weidse grasvelden, die op sommige plekken overgaan in ‘hammocks’, plekken waar op dood materiaal mahoniebomen en palmen groeien. Het eindigt in een botsing met de Golf van Mexico, Whitewater Bay genaamd. Hier is open water in de vorm van rivieren, kreken en ondiepe meren te vinden. En bijna alles is bedekt met een immens mangrovebos.

Nu water in de wereld steeds kostbaarder wordt, is de Everglades ook meteen één van de probleemkinderen. Het 6.000 km2 grote park dreigt aan de groeiende waterbehoefte ten onder te gaan. Iedereen (boeren, inwoners van de oostkust en de talrijke dieren) vechten om het kostbare vocht. Waardoor al talloze kanalen en sluizen zijn aangelegd. In totaal is voor meer dan 2.000 kilometer aan dit soort waterwerken gebouwd. En er komt nog veel meer bij.

In het park zijn meer dan vijftig soorten orchideeën gevonden. Het bloeiseizoen is in het voorjaar en de vroege zomer. Moerascipressen zijn de meest voorkomende bomen in het park. De lengte hangt af van de omstandigheden; zo zijn er ‘dwergbomen’ die als ondersoort worden gezien. Ook al is het een naaldboom, net als de lariks, verliest hij ’s winters zijn naalden. Moerasgrassen (of zaaggrassen) groeien massaal in het water. Zij geven het gebied de bijnaam ‘river of grass’. Op de hogere (drogere) plekken groeien koningspalmen, gumbo-limbobomen en mahoniebomen. Rode, witte en zwarte mangroven leven op de overgang naar de zee. Deze diversiteit maakt de Everglades extra bijzonder.

De dieren van de Everglades

De Everglades is de enige plek in de wereld waar alligators en krokodillen naast elkaar leven. Met name in de buurt van Chokoloskee. Deze relatief onbekende archipel omvat tienduizenden eilanden aan de westkust van het park, waar de zeldzame Amerikaanse krokodil nog relatief rustig kan leven in het drukke Florida.

De Amerikaanse alligator zie je hier overal. En in alle maten. Ook zul je veel aalscholvers en reigers zien.

Amerikaanse alligator

(Engelse naam: American alligator, latijns naam: alligator mississippiensi)
De Amerikaanse alligator is het dier dat in de Everglades het meest wordt gezien. Je kunt ze hier overal langs de kant van het water zien liggen. Of rustig in het water zien drijven. Dit dier komt in het hele zuiden van de VS voor en wordt algemeen gevreesd. Ze worden zo’n 3 tot 4 meter lang, al zijn er dieren van bijna 6 meter gezien. Alligators eten zo’n beetje alles en vallen ook mensen aan als ze een kans krijgen. Van alle krokodillensoorten ter wereld is dit de meest noordelijk levende. Je kunt ze herkennen aan hun brede kop, terwijl uit hun bek geen tanden steken. In de Everglades laten ze zich eenvoudig bekijken.

Amerikaanse krokodil

(Engelse naam: American crocodile, Latijns naam: crocodylus acutus)
Ondanks de misleidende naam komt dit dier ook in Midden- en Zuid-Amerika voor. In de VS leven ze alleen nog in het zuidelijk deel van Florida, met name in de Everglades. Deze dieren worden ongeveer 4 meter lang en eten vogels, zoogdieren en zelfs rottend vlees. Ze zijn herkenbaar aan hun smalle kop. Zelfs als hun bek dicht zit kun je een paar uitstekende tanden zien. Om deze dieren te zien moet je geluk hebben. Deze zijn moeilijk te vinden; de beroemde kanotocht via de Wilderness Waterway loopt voor een deel door hun habitat.

Alligatorchelydra (of alligatorschildpad)

(Engelse naam: alligator snapping turtle, Latijnse naam: macrochelys temminckii)
De alligatorchelydra is een van de meest opmerkelijke schildpadden ter wereld. Deze bijtschildpad van meer dan een meter komt alleen in Florida en de omliggende provincies van de VS voor. Hij is gek op ondiep water en komt zelden het water uit. Het dier kan met één beet een vinger of teen afbijten bij een mens. Hij eet voornamelijk vis, dat hij op een bijzondere manier vangt. Hij gaat op de bodem liggen met wijd opengesperde bek. Hij beweegt alleen zijn tong, die lijkt op een worm. En dus nietsvermoedend door vissen wordt gepakt, waarop de kaken dicht slaan. Het dier is vernoemd naar de Nederlandse zoölogist Coenraad Jacob Temminck. De kans dat je dit dier, ook door het troebele water, in de Everglades te zien krijgt is extreem klein. Maar in de bezoekerscentra is wel informatie over dit bijzondere dier te vinden.

Bijtschildpad (of bijtchelydra)

(Engelse naam: common snapping turtle, Latijnse naam: chelydra serpentina)
De bijtschildpad is het kleinere broertje van de alligatorchelydra. Maar klein is betrekkelijk, want dit dier kan zo’n 40 cm groot worden. En het dier heeft vlijmscherpe, zeer sterke kaken. Ook dit dier is in staat om een vinger af te bijten. Volgens wetenschappers zijn ze agressiever dan de alligatorchelydra, waardoor voorzichtigheid is geboden. Ze eten alles wat voor hun bek komt, waaronder ook dood vlees. Ook deze dieren verstoppen zich wel eens in de modder om te wachten tot een prooi voorbij zwemt. In de Everglades kun je deze dieren redelijk eenvoudig zien in het water als je goed op let. Of je ziet ze de weg over steken.

Zeekoe (of Caribische lamantijn)

(Engelse naam: West Indian manatee, Latijnse naam: trichechus manatus)
De zeekoe is de grootste soort van de zeekoeien die er wereldwijd leven. Deze soort leeft onderwater en wordt ongeveer drie meter lang. Het dier leeft in lagunes, rivieren, estuaria en langs de kust. Feitelijk overal waar zijn favoriete maaltje, zeegras, groeit. De dieren zijn pas na zeven jaar geslachtsrijp. Daarnaast wordt er meestal maar één jong geboren. Hierdoor groeit de huidige populatie in Florida moeizaam weer aan. Hun aantal is de afgelopen jaren door menselijke ontwikkeling van hun leefgebied sterk afgenomen. Daarnaast worden zeekoeien redelijk vaak verkeersslachtoffer van motoren van speedboten. Af en toe worden deze dieren gezien, met name in het deel naar de open zee.

Florida panter

(Engelse naam: Florida panther, Latijnse naam: puma concolor coryi)
De Florida panter is het meest illustere dier in Florida. Deze ondersoort van de poema laat voor veel mensen alleen maar voetafdrukken achter. Wetenschappers discussiëren al decennialang over de status van het dier. Sommigen zeggen dat het een aparte soort is, terwijl anderen beweren dat het niet eens een ondersoort is. De populatie in Florida is de enige in het oosten van heel Amerika. Hun aantal ligt ergens tussen ‘enkele tientallen’ tot ‘zo’n tweehonderd’. Toeristen zien het dier af en toe in de buurt van de Old Ingraham Highway.

Gewone wasbeer

(Engelse naam: raccoon, Latijnse naam: procyon lotor)
De gewone wasbeer is een bekende bewoner van Noord-Amerika. Deze op het eerste gezicht guitige diertjes zijn te herkennen aan hun zwart-witte masker rond de ogen. Maar ze kunnen opvallend hard bijten als ze in het nauw worden gedreven. Hun natuurlijke menu bestaat uit vis, vlees en vruchten, maar deze alleseter past zich snel aan. Mede daarom laten ze zich geregeld zien op campings en bij vuilnishopen. Deze dieren zijn extreem handig met hun poten. Geleerden hebben gezien dat ze bijvoorbeeld voedsel dragen met hun voorpoten of vuilnisbakken met een deksel eenvoudig open krijgen.

Amerikaanse zwarte beer (of baribal)

(Engelse naam: American black bear, Latijnse naam: ursus americanus)
De zwarte beer is kleiner dan de bruine beer. En je kunt hem in de buurt van mensen tegen komen, zoals op campings, in buitenwijken en op vuilnisplaatsen. Dit is de enige berensoort ter wereld die in aantallen groeit. De reden; hij past zich aan de mens aan. Het zijn van nature perfecte boomklimmers. Zijn voedsel bestaat uit knoppen, twijgen, bladeren, noten, wortels, vruchten en bessen. Het is een opportunist: als hij vis, insecten, larven, honing tegen komt pakt hij dat. Ook zijn verhalen bekend dat hij zelfs middelgrote zoogdieren heeft gedood. De zwarte beer wordt in Florida af en toe in de bossen gezien. Zeker bij langere wandelingen heb je een kans.

Oostelijke diamantratelslang

(Engelse naam: eastern diamondback rattlesnake, Latijnse naam: crotalus adamanteus)
Florida is berucht om zijn diverse soorten ratelslangen. Met als absolute koning de oostelijke diamantratelslang. Dit is de grootste gifslang van de VS, met een maximale lengte van 2,5 meter. Al worden de meeste dieren niet groter dan 1,5 tot 1,7 meter. Het is ook één van de gevaarlijkste, die jaarlijks dodelijke slachtoffers maakt. Dit omdat de dieren vanuit een hinderlaag wachten tot hun prooi voorbij loopt. Op hun menu staan vooral konijnen, muizen en ratten. Je kunt ze herkennen aan de opvallende witte ‘ruitvormen’ op de rug en de overbekende ratel aan het einde van de staart. De kans dat je dit nachtdier tegen komt is klein, maar wel aanwezig. De meeste bezoekerscentra hebben antiserum voor handen.

Amerikaanse zeearend

(Engelse naam: bald eagle, Latijnse naam: haliaeetus leucocephalus)
De Amerikaanse zeearend is het nationale symbool van Amerika. En een opvallende verschijning met zijn bruine verenpak en witte borst en staart. Zijn scherpe snavel en poten zijn felgeel gekleurd. Zeearenden kunnen tot ruim een meter grot worden en een vleugelwijdte van 2.4 meter hebben. Deze zeearend grijpt met zijn poten de vissen uit het water. Al lust hij ook wel een konijn of dood vlees. Lang werd deze vogel overal afgeschoten, waardoor hij zelfs dreigde uit te sterven. Inmiddels leven er weer genoeg in de VS en Canada, de enige landen waar het dier voor komt. Meestal worden deze imposante vogels zittend in een boom gezien. Met een beetje geluk zie je ze jagend boven het water vliegen.

Visarend

(Engelse naam: osprey, Latijnse naam: pandion haliaetus)
De visarend is een van de grootste opportunisten onder de roofvogels. Dit dier kom je dan ook op bijna alle continenten tegen, waaronder ook geregeld in Nederland. Ze zijn te herkennen aan hun bruine vleugels en witte borst. Zoals de naam al zegt eet dit dier voornamelijk vis, die ze met hun klauwen uit het water halen. Aan de poten zitten speciale haakjes om de glibberige vissen te pakken. Visarenden worden relatief vaak gezien als ze op een tak zitten uit te rusten.

Kleine blauwe reiger

(Engelse naam: little blue heron, Latijnse naam: egretta caerulea)
De kleine blauwe reiger is een van de vele reigersoorten in de Everglades. Hij is dol op zout water, maar is vaker bij brak of zoet water te vinden. Zijn leefgebied beslaat de oostkust van Noord- tot Zuid-Amerika. De kleine blauwe reiger is opvallend blauw van kleur, opmerkelijk is dat jonge vogels wit van kleur zijn. Deze reigers kunnen meer dan 70 cm lang worden. Hun menu bestaat onder meer uit visjes, kikkers, amfibieën, slangen en kreeftjes. In de Everglades leven veel kleine blauwe reigers echt lastig is het niet ze te spotten.

Roze lepelaar

(Engelse naam: roseate spoonbill, Latijnse naam: platalea ajaja)
Dit broertje van de in ons land levende lepelaar leeft zowel hier als ook in de Cariben. Hij is eenvoudig te herkennen aan zijn lepelachtige snavel en rode of roze kleur. In ondiepe moerassen filtert hij met zijn snavel ongewervelde dieren uit het water. In de Everglades zijn deze dieren vooral in de winter te zien. Wat opmerkelijk is want dit dier was in de 19e eeuw bijna uitgestorven. Zijn kleurrijke veren waren erg populair en werden voor hoeden en waaiers gebruikt. Totdat het dier rond 1940 internationaal werd beschermd.

Kaalkopooievaar

(Engelse naam: wood stork Latijnse naam: mycteria americana)
De kaalkopooievaar is een typische moerasvogel. En het is een van de grotere vogels in de ‘Glades’. De kaalkopooievaar kan een meter groot worden en leeft in groepen. Hun voedsel bestaat vooral uit vis reptielen, kikkers en ongewervelde waterdieren. Hij staat in het water en beweegt zijn open snavel heen en weer. Als de vogel een prooidier tegen komt, dan wordt de bek vlug gesloten en doorgeslikt. Ze zijn te herkennen aan hun zwarte kop zonder veren. Hun verenkleed op de rest van het lichaam is wit. De kans dat je ze in de winter ziet is groot.

Moeraswouw (of slakkenwouw)

(Engelse naam: snail kite, Latijnse naam: rostrhamus sociabilis)
De moeraswouw leeft bijna totaal van de zoetwaterslakken die in deze moerassen leven. Met zijn speciale snavel kan deze roofvogel deze dieren uit hun beschermende huis halen. Door zijn specialisatie is hij volledig afhankelijk van het aantal slakken. Wat hem zeer gevoelig maakt voor veranderingen, zeker als het aantal slakken terug loopt. Deze vogels zijn zo’n 50 cm groot. Het mannetje is blauwgrijs gekleurd, terwijl hun poten en bek geel tot roodachtig zijn. De vrouwtjes zijn meer bruin en wit gemengd. Deze vogel wordt niet al te vaak gezien, maar het is een van de weinige roofvogels die vooral boven de moerassen wordt gezien.

Amerikaanse aalscholver (of geoorde aalscholver)

(Engelse naam: double-crested cormorant, Latijnse naam: phalacrocorax auritus)
De Amerikaanse aalscholver is de meest voorkomende aalscholversoort in de VS. Amerikaanse aalscholvers zijn goed te herkennen aan hun oranjegele snavel en karakteristieke houding als ze zitten. Ze eten voornamelijk vis die ze duikend onder water pakken. Na een maaltijd drogen ze hun vleugels in de zon door ze weid uit te spreiden. Je kunt deze vogels overal langs de waterkant tegen komen, maar de Anhinga Trail is beroemd om zijn grote hoeveelheden aalscholvers.

Zwarte ibis

(Engelse naam: glossy ibis, Latijnse naam: plegadis falcinellus)
De naam van de zwarte ibis is enigszins verwarrend. Meestal is het donkerbruin en sommige veren zijn fluorescerend groen of paars. Hun snavel is krom, de punt is naar beneden gebogen om zo voedsel uit het water te vissen. Het zijn redelijk grote vogels, die meer dan 60 cm groot kunnen worden. Zwarte ibissen worden meestal in groepen bij elkaar gezien bij moerassen. In de Everglades leven honderden zwarte ibissen, maar ze zijn redelijk schuw.

Witte ibis

(Engelse naam: American white ibis, Latijnse naam: eudocimus albus)
De witte ibis is een van de dieren waar wetenschappers zich zorgen om maken in de Everglades. Hun aantal is de afgelopen decennia fors afgenomen, de reden daarvan is niet geheel duidelijk. Ze zijn te herkennen aan hun witte veren en roze poten en snavel. In het broedseizoen kleuren deze felrood bij zowel het mannetje als het vrouwtje. Je kunt ze onder meer zien bij Shark Alley als ze door het water waden op zoek naar onder meer kreefjtes en insecten.

Amerikaanse slangenhalsvogel

(Engelse naam: anhinga of darter, Latijnse naam: anhinga anhinga)
De Amerikaanse slangenhalsvogel is een karakteristieke verschijning in de Everglades. Zijn opvallend lange nek is goed te zien als hij een vis doorslikt. En dit dier droogt, zoals ook veel aalscholvers doen, vaak zijn vleugels in de zon door ze uit te spreiden. In het paringsseizoen krijgen de mannetjes een opvallend blauwgroene kleur rond hun ogen. Je kunt ze hier bijna altijd zien op de Anhinga Trail.

Amerikaanse kleine zilverreiger

(Engelse naam: snowy egret, Latijnse naam: egretta thula)
De Amerikaanse kleine zilverreiger is een opvallend witte reiger, die ongeveer 60 cm groot wordt.
Hij lijkt opvallend veel op de kleine zilverreiger die in Europa, Afrika en Azië voorkomt, maar het is een aparte soort. De Amerikaanse kleine zilverreiger leeft alleen in de ‘America’s, oftewel een gebied van Noord- tot Zuid-Amerika. Deze vogel waadt door het water op zoek naar visjes, week- en schaaldieren en kikkers. De kans dat je deze vogel in de Everglades te zien krijgt is groot.

Beste tijd voor Everglades:

Het park kent grofweg twee seizoenen.

  • Het droge ‘toeristenseizoen'(november tot en met mei)
    Het waterpeil zakt dan langzaam, waardoor het leven zich rondom de overgebleven poelen concentreert. Hierdoor is het eenvoudiger om de dieren te zien.
  • Het seizoen van de ‘muggen en zandvlooien’ (juni tot en met oktober)
    Het is simpel, na juni moet je hier eigenlijk niet zijn. Het natte seizoen begint in mei, waardoor een groot deel van de Everglades helemaal onder water komt te staan.

Meer informatie: www.nps.gov/ever