De Tsjechische hoofdstad aan de Moldau krijgt de naam om haar rijke geschiedenis. Met talloze gebouwen in barok-, gotische, jugendstil of brutalistische stijl. De stad heeft nauwelijks last gehad van oorlogen en natuurrampen. En Praag kent opvallend weinig nieuwbouw in het centrum. Smalle straatjes, indrukwekkende pleinen en torentjes; heel veel torentjes vormen het decor voor een moderne, hippe stad. Met opvallend veel legendes.

De stad lijkt wel een groot openluchtmuseum. De Koninklijke Route is bekend, met het Oudestadsplein, de Astronomische Klok, de Kleine Zijde, de Karelsbrug en de Praagse burcht. Waar de Tsjechen met recht trots op zijn. Maar Praag laat vooral zien hoe het verleden soepel overgaat in het huidige leven. De stad telt veel barretjes, restaurants en een uitbundig nachtleven.

De naam Praag, in het Tsjechisch Praha, kent een merkwaardige geschiedenis. Het is waarschijnlijk een afgeleide van het Tsjechische woord práh, dat dorpel betekent. Deze dorpels zijn destijds overal gebruikt in de Moldau-rivier. Het water stort zich met veel lawaai over de dorpels wat de stad een bijzonder karakter geeft. Dit is althans de versie volgens de eerste Tsjechische geschiedschrijvers. De bekende Oostenrijkse schrijver Gustav Meyrink zegt het volgende over de stad: “Het is geen toeval dat Praag zijn naam draagt. Het is eigenlijk een dorpel tussen het aardse en bovenaardse leven, en die overgang is in deze stad veel sneller dan in andere plaatsen…”

Overigens is dit deel van Tsjechië al veel langer bewoond. Maar het duurt tot lang na de bronsttijd voordat de stad enige betekenis krijgt. Of eigenlijk is het geen stad, maar de Praagse Burcht. Dit immense bouwwerk stamt uit het jaar 880 en moet onder meer vorst Bořivoj I beschermen. Hij is de oudste vorst van de Přemysliden die over het Boheemse Rijk hebben geregeerd van de 9e eeuw tot de 14e eeuw.

De burcht groeit langzaam uit tot een stad. Binnenin de muren worden aan het einde van de 9e eeuw en in de loop van de 10e eeuw diverse christelijke kerken gebouwd. Aan de oeverkant van de Moldau (wat tegenwoordig Malá Strana heet) ontstaan kleine nederzettingen. Langzaam groeit Praag uit tot het politieke en economische centrum van het land.

Aan de overkant van de Moldau wordt in de eerste helft van de 10e eeuw een tweede burcht gebouwd. De Vyšehrad krijgt status als Vratislav II rond 1070 in de burcht gaat wonen. Ook hij sticht een aantal kerken, waaronder de Sint-Petrus-en-Pauluskerk, die door de jaren heen diverse veranderingen ondergaat. Tussen de twee burchten vestigen zich In de 11e en 12e eeuw talloze Duitse en Joodse handelslieden.

De stad groeit in de volgende eeuwen gestaag door. En opmerkelijk genoeg blijft het gevrijwaard van oorlogen, grote branden en ander natuurgeweld. Maar in de 20e eeuw is de hoofdstad van het toenmalige Tsjecho-Slowakije vooral het terrein voor politieke confrontaties. Op 25 februari 1948 grijpt de Communistische Partij van Tsjecho-Slowakije de politieke macht.

Na twintig jaar komt de bevolking massaal in opstand tegen de onderdrukking. Wat leidt tot de bekende Praagse Lente. Die door de overheid keihard de grond in wordt gedrukt met hulp van de Sovjet-Unie, maar ook omliggende landen als Polen, Hongarije en Bulgarije. Maar in 1989, als de Berlijnse Muur is gevallen, wordt ook Tsjecho-Slowakije bevrijd van communistische invloeden.

Praag bloeit opnieuw op. Al is het na 1992 niet meer de hoofdstad van Tsjecho-Slowakije, maar alleen nog van Tsjechië. Maar het doet niets af aan de stad waar gotiek, renaissance, barok en rococo en het hedendaagse leven door elkaar lopen.

In Praag is het lastig kiezen wat je allemaal moet gaan zien. De stad biedt talloze karakteristieke huizen, pleinen, kerken, paleizen en natuurlijk de burchten. Het centrum is compact, alle bezienswaardigheden liggen op maximaal 2,5 kilometer van elkaar. Ideaal voor een eigen speurtocht naar het verleden van deze stad. Waarbij je niet alles hoeft te zien, misschien is het ‘vangen’ van de sfeer wel het belangrijkste. Wat goed kan op een stedentrip.

Beste tijd:
Praag kan het gehele jaar worden bezocht, al kan het in de winter vriezen, maar er is ook kans dat er sneeuw ligt wat de stad een bijzondere sfeer geeft.

Het late voorjaar, de zomer, maar ook het najaar zijn het populairst. De piek van het toeristenseizoen is in juli en augustus te zien.