Tasmanië herbergt talloze bijzondere dieren, oeroude hoge bomen en endemische planten. Met de Tasmaanse duivel als onofficieel symbool. Het ligt zo’n 200 kilometer ten zuiden van Australië.

De Nederlandse zeevaarder en ontdekkingsreiziger Abel Janszoon Tasman ontdekt het eiland op 24 november 1642. Hij was op zoek naar Australië en met name naar het zuidelijker gelegen Terra Australis, waarvan vroeger gedacht werd dat het een nog niet ontdekt continent was. Op het vervolg van zijn tocht ontdekt hij ook Nieuw-Zeeland, maar Terra Australis niet. Waardoor de VOC zijn reis als niet zinvol bestempelde.

De geschiedenis van het eiland is bijzonder. Tot zo’n 10.000 jaar geleden zat het eiland nog vast aan Australië, maar de laatste ijstijd zorgde voor een stijging van de zeewaterspiegel. En liep de landbrug onder water. Het eiland kent zijn eigen klimaat. In de winter ligt er geregeld sneeuw in de bergen. Tasmanië bevat diverse gletsjermeren en veel, nog nauwelijks door de mens aangetaste, wildernis.

Met een bijpassende fauna. Je zou kunnen zeggen dat Tasmanië de originele fauna van Australië nog heeft. De reden hiervoor is simpel: het door de mens uit Azië meegebrachte roofdier, de dingo, heeft dit eiland nooit kunnen bereiken. Net als de vos overigens, die later wel op Australië werd losgelaten. Er leven in Tasmanië veel dieren die op het vasteland van Australië zijn uitgestorven, op het punt staan uit te sterven of alleen nog in kleine aantallen voorkomen.

Ook de bomen pasten zich aan de omstandigheden aan op het eiland. Zo zijn de valleien in het westen van Tasmanië bedekt met de hoogste loofbomen ter wereld. Een deel daarvan ligt in het groene hart van het eiland. In een lint van nationale parken. In Cradle Mountain – Lake St. Clair NP, Franklin-Gordon Wild Rivers NP, Southwest NP, Mount Field NP en Hartz Mountains NP is alles beschermd, maar in de naastgelegen Styxvallei vechten natuurliefhebbers en houtbedrijven nog steeds om dit oerbos.

Wetenschappers verbazen zich ook over de bossen in het noorden van het eiland. Daar leven bijzondere boomsoorten groeien die wel 10.000 jaar kunnen worden. Sterker nog, ze behoren tot de arctische flora, letterlijk afkomstig uit de ijstijd. Daarmee behoren tot de oudste bomen ter wereld.

Doen!-tips:

  • Voel je nietig tussen de grootste loofbomen ter wereld
    In de Styxvallei in het westen staan immense reuzen van de ‘eucalyptus regnans’, zoals de Latijnse naam luidt. Je kunt er wandelen en tevens met een 4×4 aangedreven auto doorheen rijden. Het is een gebied waar natuurbeschermers en houtbedrijven om vechten. En wie in dit gebied verblijft, ziet de gevolgen van de houtkap overduidelijk.
  • Verbaas je over de wombat
    De gewone wombat is een vreemdsoortig buideldier dat op Tasmanië nog veel voorkomt. Deze kruising van een beer met een marmot wordt zo’n 70 centimeter groot. De buidel zit omgekeerd, zodat het dier geen zand schept in de buidel als hij aan het graven is. Hij komt vrij traag over, maar is opvallend snel. Ze eten onder andere wortels, gras en knollen. Ze worden zowel overdag als ’s nachts gezien (als ze de weg oversteken), met name in de diverse nationale parken. En ook hier geldt dat je hem zo maar tegen kunt komen. Meestal zijn deze dieren rustig en kun je ze goed bekijken en fotograferen.
  • Zie de andere wereld tijdens een nachtwandeling
    Je hoort vaak wetenschappers zeggen dat in de nacht een totaal andere wereld te zien is. In Tasmanië geldt dit zeker. In de diverse nationale parken worden geregeld nachtwandelingen uitgevoerd. Zowel door parkwachters als vanuit diverse lodges in bijvoorbeeld Cradle Mountain NP. De meeste dieren zijn niet bang voor de zaklampen en laten zich goed bekijken. De kans dat je kangoeroes (in alle maten), opossums en andere buideldieren als de suikereekhoorn tegen komt is groot. Het is ook mogelijk dit te doen in het populaire Bonorong Wildlife Sanctuary in Brighton.
  • Leg de beroemde Overland Track af
    Het wordt beschouwd als één van de mooiste wandelroutes van de wereld. De Overland Track van Cradle Mountain naar Lake St.Clair is 65 kilometer lang. Hij voert door het hart van de Tasmaanse wildernis en kost je zes dagen. Boekingen zijn noodzakelijk. In het hoogseizoen moet je tevens entreegeld betalen. Overnachten kan in speciale hutten, maar ook op campings. En schijn ’s avonds in het donker eens rond met een zaklamp. Voor je het weet komt de lokale fauna nieuwsgierig kijken of er nog wat te eten valt.
  • Zie glimwormen in een ondergronds nationaal park
    In Mole Creek Karst National Park is te zien hoe karstgesteente door erosie kan veranderen in welgevormde grotten (meer dan 300) met stalagmieten en stalactieten. En miljoenen glimwormen in Marakoopa Cave. Wat eigenlijk geen wormen zijn, maar de larven van een soort vliegje. En hetgeen dat licht geeft is hun ontlasting. De vrouwtjes van deze vlieg zijn ook in staat om met hun achterwerk licht te maken. Dit doen ze om de mannetjes te lokken. Er worden dagelijks rondleidingen gegeven.
  • Maak de beroemde Gordon River Cruise
    De Gordon River ligt in Franklin-Gordon Wild Rivers Nationaal Park. En is dé plek voor een van de mooiste excursies in Tasmanië. In een boot vaar je tussen de steile bergen,dichte bossen en open vlaktes. Het is mogelijk een stop te maken en even uit te stappen, zodat je het landschap ook wandelend kunt verkennen. De gids legt uit wat je allemaal ziet. De beste tijd om deze cruise te maken is in de vroege ochtend of in de namiddag. Dat is met name voor foto’s mooi, maar je hebt ook meer kans om wilde dieren te spotten.
  • Zoek de mierenegel
    De gewone mierenegel is één van de leukste dieren ter wereld. Hij lijkt op een egel, maar is extreem bijzonder aangezien hij eieren legt. Samen met drie soorten vachtegels, die allemaal in Nieuw-Guinea voorkomen, en het vogelbekdier zijn het de enige zoogdieren die geen levende jongen krijgen. Wandelaars komen deze scharrelaar geregeld tegen, kijk dus goed op de grond en luister of je geritsel hoort.
  •  
    Beste tijd:
    Het hoogseizoen is in december, januari en februari. Het voorjaar is hier wat weer betreft opvallend onrustig; wie weinig tijd heeft kan beter september en oktober vermijden. Maart wordt beschouwd als een rustige maand, met vaak mooi nazomerweer en niet al te veel toeristen.